De laatste twee verzen van Soera al-Baqarah: die zullen voor jou voldoende zijn

أَعُوْذُ بِاللّٰهِ مِنَ الشَّيْطَانِ الرَّجِيْمِ. اٰمَنَ الرَّسُوْلُ بِمَآ أُنْزِلَ إِلَيْهِ مِنْ رَّبِّهِ وَالْمُؤْمِنُوْنَ ، كُلٌّ اٰمَنَ بِاللّٰهِ وَمَلآئِكَتِهِ وَكُتُبِهِ وَرُسُلِهِ ، لَا نُفَرِّقُ بَيْنَ أَحَدٍ مِّنْ رُّسُلِهِ ، وَقَالُوْا سَمِعْنَا وَأَطَعْنَا غُفْرَانَكَ رَبَّنَا وَإِلَيْكَ الْمَصِيْرُ. لَا يُكَلِّفُ اللّٰهُ نَفْسًا إِلَّا وُسْعَهَا ، لَهَا مَا كَسَبَتْ وَعَلَيْهَا مَا اكْتَسَبَتْ ، رَبَّنَا لَا تُؤَاخِذْنَآ إِنْ نَّسِينَآ أَوْ أَخْطَأْنَا ، رَبَّنَا وَلَا تَحْمِلْ عَلَيْنَآ إِصْرًا كَمَا حَمَلْتَهُ عَلَى الَّذِيْنَ مِنْ قَبْلِنَا ، رَبَّنَا وَلَا تُحَمِّلْنَا مَا لَا طَاقَةَ لَنَا بِهِ ، وَاعْفُ عَنَّا وَاغْفِرْ لَنَا وَارْحَمْنَا ، أَنْتَ مَوْلَانَا فَانْصُرْنَا عَلَى الْقَوْمِ الْكٰـفِرِيْنَ.

Transliteratie

A'oedhu billaahi minash-shayṭaanir-radjiem. Aamanar-rasoelu bimaa unzila ilayhi min rabbihi wal-mu'minoen, kullun aamana billaahi wa malaa'ikatihi wa kutubihi wa rusulih, laa nufarriqu bayna aḥadin min rusulih, wa qaaloe sami'naa wa aṭa'naa ghufraanaka Rabbanaa wa ilaykal-maṣier. Laa yukallifullaahu nafsan illaa wus'ahaa, lahaa maa kasabat wa 'alayhaa maa iktasabat, Rabbanaa laa tu'aachidhnaa in nasienaa aw achṭa'naa, Rabbanaa walaa taḥmil 'alaynaa iṣran kamaa ḥamaltahu 'alal-ladhiena min qablinaa, Rabbanaa walaa tuḥammilnaa maa laa ṭaaqata lanaa bih, wa'fu 'annaa waghfir lanaa warḥamnaa, Anta mawlaanaa fanṣurnaa 'alal-qawmil-kaafirien.

Vertaling

Ik zoek toevlucht bij Allah tegen de vervloekte Shaytaan. De Boodschapper gelooft in wat hem van zijn Heer is geopenbaard, en ook de gelovigen. Allen geloven in Allah, Zijn engelen, Zijn boeken en Zijn boodschappers. (Zij zeggen:) “Wij maken geen onderscheid tussen Zijn boodschappers.” En zij zeggen: “Wij horen en wij gehoorzamen. Wij smeken U om vergeving, onze Heer, en tot U is de terugkeer.” Allah belast geen ziel boven haar vermogen. Voor haar is hetgeen zij (aan goeds) heeft verricht, en tegen haar is hetgeen zij (aan kwaads) heeft verricht. “Onze Heer, straf ons niet als wij vergeten of fouten maken. Onze Heer, belast ons niet met een last zoals U degenen vóór ons heeft belast. Onze Heer, leg ons geen last op waarvoor wij de kracht niet hebben. En wis onze zonden uit, en schenk ons vergeving, en heb genade met ons. U bent onze Beschermer, schenk ons daarom de overwinning over het ongelovige volk.” (2:285-286)

Bron

De Boodschapper van Allah ﷺ zei: “Wie de laatste twee verzen van Soerah al-Baqarah 's nachts reciteert, zij zullen hem volstaan.” (Boegarie 4008, 807)

Deze dua altijd bij de hand?

Download de Smeekbeden-app met alle dua's, ook offline.

Download de app

Meer dua's in Voor het slapengaan