Istighfar - Uit de Soennah #2

اَللّٰهُمَّ أَنْتَ الْمَلِكُ لَا إِلٰهَ إِلَّا أَنْتَ ، أَنْتَ رَبِّيْ وَأَنَا عَبْدُكَ ، ظَلَمْتُ نَفْسِيْ وَاعْتَرَفْتُ بِذَنْبِيْ ، فَاغْفِرْ لِيْ ذُنُوْبِيْ جَمِيْعًا ، إِنَّهُ لَا يَغْفِرُ الذُّنُوْبَ إِلَّا أَنْتَ ، وَاهْدِنِيْ لِأَحْسَنِ الْأَخْلَاقِ لَا يَهْدِيْ لِأَحْسَنِهَا إِلَّا أَنْتَ ، وَاصْرِفْ عَنِّيْ سَيِّئَهَا لَا يَصْرِفُ عَنِّيْ سَيِّئَهَا إِلَّا أَنْتَ ، لَبَّيْكَ وَسَعْدَيْكَ ، وَالْخَيْرُ كُلُّهُ فِيْ يَدَيْكَ ، وَالشَّرُّ لَيْسَ إِلَيْكَ ، أَنَا بِكَ وَإِلَيْكَ ، تَبَارَكْتَ وَتَعَالَيْتَ ، أَسْتَغْفِرُكَ وَأَتُوْبُ إِلَيْكَ

Transliteratie

Allaahoemma Antal Maliekoe laa ilaaha illa Ant, Anta Rabbie wa ana ‘abdoek, dhalamtoe nafsie wa’taraftoe bidhambie, faghfier lie dhoenoebie djamie‘aa, innahoe laa yaghfiroedh dhoenoeba illa Ant, wahdienie liahsanil aglaaqie laa yahdie liahsanihaa illa Ant, wasrief ‘annie sayyi’ahaa laa yasrifoe ‘annie sayyi’ahaa illa Ant, labbayka wa sa‘dayk, walgayroe koelloehoe fie yadayk, wassharroe laysa ilayk, ana bika wa ilayk, tabaarakta wa ta‘aalayt, astaghfiroeka wa atoeboe ilayk.

Vertaling

O Allah, U bent de Koning, er is geen god die het recht heeft aanbeden te worden behalve U. U bent mijn Heer en ik ben Uw dienaar. Ik heb mezelf onrecht aangedaan en ik erken mijn zonden. Vergeef al mijn zonden; voorwaar, niemand vergeeft zonden behalve U. Leid mij naar de beste karaktereigenschappen, want niemand leidt naar de beste ervan behalve U; en wend het slechte ervan van mij af, want niemand wendt het van mij af behalve U. Hier ben ik, tot Uw dienst, zoekend naar Uw welbehagen; al het goede ligt in Uw handen en het slechte wordt niet aan U toegeschreven. Ik ben van U en ik keer naar U terug. U bent de Meest Gezegende en de Meest Verhevene. Ik zoek Uw vergeving en toon berouw aan U.

Bron

‘Ali b. Abi Talib (moge Allah tevreden met hem zijn) verhaalde: “Wanneer de Boodschapper van Allah ﷺ opstond voor het gebed, zei hij: ‘Wadjdjahtoe wadjihiya lilladhie fataras samawaatie wal arda haniefan wa maa ana minal moeshriekien, inna salaatie wa noesoekie wa mahyaaya wa mamaatie lillaahie Rabbil ‘aalamien, laa sharieka lahoe wa bidhaalika oemirtoe wa ana minal moeslimien.’ (Ik heb mijn gezicht gewend naar Degene Die de hemelen en de aarde heeft geschapen, weggekeerd van alles wat vals is en mijzelf aan Allah overgegeven, en ik behoor niet tot de polytheïsten. Mijn gebed, mijn offer, mijn leven en mijn dood zijn allen voor Allah, de Heer der werelden, Die geen deelgenoten heeft. Dit is mij bevolen, en ik behoor tot degenen die zich onderwerpen.) Vervolgens zei hij [het bovenstaande]. Wanneer hij de roekoe’ (buiging) verrichtte, zei hij: ‘Allaahoemma laka raka’toe wa bika aamantoe wa laka aslamtoe, gasha’a laka sam’ie wa basarie wa moegghie wa ‘adhiemie wa ‘asabie.’ (O Allah, voor U alleen heb ik gebogen in het gebed, in U alleen heb ik geloofd, en aan U alleen heb ik mij onderworpen. Mijn gehoor, gezichtszicht, verstand, botten en zenuwen zijn nederig voor U.) Wanneer hij zijn hoofd ophief uit de roekoe’, zei hij: ‘Allaahoemma Rabbanaa lakal hamdoe mil’as samawaatie wa mil’al ardie wa mil’a maa baynahoemaa wa mil’a maa shi’ta mien shay’ien ba’doe.’ (O Allah, onze Heer, aan U alleen komt alle lof toe; lof die de hemelen vult, de aarde vult, datgene wat tussen hen is vult, en alles wat U daarna wenst vult.) Wanneer hij de sadjdah (prosternatie) verrichtte, zei hij: ‘Allaahoemma laka sadjadtoe wa bika aamantoe wa laka aslamtoe, sadjada wadjihiya lilladhie galaqahoe wa sawwarahoe wa shaqqa sam’ahoe wa basarahoe, tabaarakallaahoe ahsanoel gaalieqien.’ (O Allah, voor U alleen heb ik mij neergebogen, in U alleen heb ik geloofd, en aan U alleen heb ik mij onderworpen. Mijn gezicht heeft zich neergebogen voor Degene Die het heeft geschapen en gevormd, en Die het gehoor en gezichtsvermogen heeft gegeven. Gezegend is Allah, de Beste der Scheppers.) Het laatste wat hij zei na de tashahhoed en voor de salaam was: ‘Allaahoemma aghfier lie maa qaddamtoe wa maa aggartoe wa maa asrartoe wa maa a’lantoe wa maa asraftoe wa maa Anta a’lamoe biehie miennie, Antal Moeqaddimoe wa Antal Moe’aggiroe laa ilaaha illa Ant.’ (O Allah, vergeef mij voor wat ik in het verleden heb gedaan en voor wat ik nog zal doen, voor wat ik in het verborgene heb gedaan en voor wat ik in het openbaar heb gedaan, voor mijn overschrijdingen en voor datgene waar U meer kennis over heeft dan ik. U bent Degene Die naar voren brengt en Degene Die achterstelt, en er is geen god die het recht heeft aanbeden te worden behalve U.)” (Moeslim 771)

Deze dua altijd bij de hand?

Download de Smeekbeden-app met alle dua's, ook offline.

Download de app

Meer dua's in Vergeving vragen